Dineren met twee.

Hij kreeg het niet over z’n hart.

De deur stond op een kiertje, zoals altijd. Achter de schilderijen van glas beroerde een man het gezicht van een geliefde, omarmde een moeder haar enige kind, sierde een sommelier de robijnkleurige vloeistof uit z’n fles met een glimlach. Eén tafeltje stond gedekt en klaar, als met open armen, te wachten op een nieuw verhaal, een nieuwe tete-à-tête.

Hij wendde z’n bedroefde gezicht af. Het was hun tafeltje geweest. Hun kleine zekerheid. Wanneer ze elkaar voor het eerst echt in de ogen keken, voorbij de pupil en recht in de ziel. Wanneer ze hun dochter verloren hadden maar toch hierheen kwamen en een derde gerecht lieten serveren, ondanks een lege stoel. Wanneer de hele wereld gloeide van warmte of dreigde te breken onder de druk van kilometers ijs. Dit was hun kleine cocon. Hun stilzwijgende belofte. Dineren met twee, zodat ze nooit vergaten hoe het voelde om samen te zijn.

De ober riep hem. Doorheen de kier die nu een poort naar een onbekende wereld was geworden. Alles bleef hetzelfde maar toch was alles anders. Zonder haar leek alles om hem heen zijn betekenis te verliezen. Mocht hij kunnen, hij klampte elke voorbijganger aan, smekend om hem te leren wat om hem heen gebeurde. Maar hij stond verstijfd, als een vreemde voor zichzelf, te staren naar het gezicht van de ober. Een oude bekende uit een vorig leven. Hij herkende de vorm maar de herinnering was vergeten.

Hij proefde haar naam op z’n lippen. Alles mocht hij vergeten behalve zij. Nooit zij.

Een warm licht vloeide uit de gaten en kieren van het restaurant, als een stroom van honingzoet, de smaak van de liefde. Het lokte hem, verleidde hem. Heel even geloofde hij dat zij misschien binnen op hem wachtte. Dineren met twee. Nooit meer vergeten hoe het voelt om samen te zijn.

Het was geen beslissing die door de rede was onderbouwd. Het was geen keuze die z’n hart hem had ingefluisterd. Het was compleet onverklaarbaar waarom hij binnenstapte. Alsof een zachte hand zijn willoze lichaam naar hier had geleid. Een vertrouwde hand.

Een fluistering van huid tot huid.

Hij ging zitten, voelde de vertrouwde textuur van de menukaart in z’n handen glijden. De ober glimlachte, en legde een bloem op de plaats waar zij altijd had gezeten. Een kleine zucht ontsnapte z’n lippen terwijl z’n hart voor de zeshonderdnegenentwintigste keer brak. Het deed meer pijn dan het woord pijn ooit kon omvatten, maar dit was lijden uit liefde, dit was voelen terwijl je liever gevoelloos zou willen zijn.

Een glimlach omhelsde z’n lippen. Het besef kwam dat hij nooit alleen zou zijn. Dineren met twee, hij in z’n lichaam en zij in de herinnering. Zo voelt het om altijd samen te zijn.

————–

X

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s